De kat

De kat

Katers worden geslachtsrijp op een gemiddelde leeftijd van 6 tot 8 maanden. Vanaf die leeftijd gaan ze ook het 'mannelijk' gedrag vertonen. Ons advies is de kater op een leeftijd van 6 maanden te laten castreren. Niet eerder om ervoor te zorgen dat hij lichamelijk voldoende is uitgegroeid. Ook niet veel later om te voorkomen dat sproeien een gedragsprobleem wordt hetgeen niet te verhelpen is met castratie.

Bij de poes wordt vaak het woord sterilisatie gebruikt. Dit is echter foutief aangezien dit betekent dat enkel de eileider wordt afgebonden. In de praktijk wordt de gehele eierstok (ovarium) weggenomen waardoor castratie de juiste benaming is. 
Bij de ingreep worden standaard enkel de eierstokken verwijderd waarbij we spreken over ovariectomie. Bij een afwijkende baarmoeder halen we naast de eierstokken ook de baarmoeder weg. Hierbij spreken we van een ovariohysterectomie.

De komst van een jonge kat is meestal een feestelijke gebeurtenis. U wilt voor uw nieuwe huisgenoot zo goed mogelijk zorgen en daarom hebben we een paar belangrijke zaken op een rij gezet. Hebt u hierna nog vragen? Bel gerust.  

Algemeen
Een kitten komt meestal rond de acht weken bij de nieuwe eigenaar. Het dier is dan nog niet ingeënt. Soms is het wel ontwormd, maar vaak ook niet. Neem een aantal dagen de tijd om het dier te laten wennen aan de nieuwe omgeving. Nu en dan contact is goed maar geregeld met rust laten is ook belangrijk. Soms is het beter om het dier eerst aan een beperkte ruimte te laten wennen, bijvoorbeeld een kamer en een keuken, of een benedenverdieping, en daar ook eten te geven en een kattenbak neer te zetten. Een jonge kat is van nature al (bijna) zindelijk.Katten doen hun behoefte het liefst in een schone kattenbak. Een schone bak en een beperkte ruimte helpen om de kans op ongelukjes beperkt te houden.

Afsluiting van de plasbuis bij de kater wordt vaak gekenmerkt door het vaak naar de bak gaan zonder dat er urine uitkomt. Daarnaast heeft de kat vaak erge pijn.
Indien u uw kat hiervan verdenkt neemt u dan direct contact op aangezien dit een spoedgeval betreft!

Wat er na vaccinatie gebeurt lijkt op wat er gebeurt na het doormaken van een ziekte. Als een hond bijvoorbeeld hondenziekte doormaakt en daarvan herstelt, zal het dier gedurende een bepaalde periode beschermd zijn tegen hondenziekte. Dit wordt veroorzaakt doordat de hond weerstand (immuniteit) tegen hondenziekte heeft opgebouwd. De opgebouwde weerstand maakt het hondenziekte virus bij een volgende besmetting onwerkzaam, waardoor de hond gezond blijft. Helaas gaat het doormaken van een ziekte meestal gepaard met ernstige ziekteverschijnselen.
Als een dier wordt gevaccineerd, zal het afweersysteem van het dier daarop reageren door afweerstoffen te maken tegen de ziekte waartegen is gevaccineerd. Het gevolg is dat het dier gedurende een bepaalde periode is beschermd. Omdat het vaccin (verzwakte) levende of gedode ziekteverwekkers bevat zal het dier na vaccinatie niet ziek worden.