
De echte “wrang”bacterie (pusbacterie). Veel stinkende melk. Besmetting via speciale vliegjes. Komt in Groningen niet veel voor (plassen en struikgewas noodzakelijk). Vaak geen genezing mogelijk.
Besmetting vindt plaats via mest of strooisel. Meestal is de bacterie gevoelig voor Cobactan, Rilexine en Avuloxil. De koe wordt vaak ziek van de gifstoffen (toxines) Bij koorts en hard kwartier Novem of Ketofen bijspuiten; In acute ernstige gevallen de dierenarts bellen en een uierinfuus toedienen.
Vooral besmetting via strooisel. Koe kan zeer ziek zijn en slecht reageren op antibiotica. Deze verwekker komt steeds vaker voor Een gevoeligheidstest is aan te bevelen. Overleg hierover met uw dierenarts!
Besmetting via huid of omgeving.
Is vrijwel altijd gevoelig voor alles, vaak alleen ongevoelig voor Lincomycine.
Toch is de genezingskans soms matig. Lang behandelen geeft de beste resultaten.
Gisten worden overgebracht via mest strooisel of via de melkmachine en zijn ongevoelig voor antibiotica.
In sommige gevallen wordt een gist tegelijkertijd met een andere mastitisverwekker gevonden, maar over het algemeen zijn ze ‘zelfstandig’ veroorzaker van mastitis.
Het herstelt vaak zonder restverschijnselen binnen 2 tot 4 weken. Het advies is om de koe 2 maal per
dag extra uit te melken
De prototheca wordt veroorzaakt door algen. Het is de enige bekende plant die bij zowel mens als dier ziekte kan veroorzaken. Uit verschillende literatuur blijkt een toename van het aantal mastiden die wordt veroorzaakt door de prototheca. De prototheca is ongevoelig voor alle bekende middelen. De prototheca kan zowel acuut als chronische mastitis veroorzaken, waarbij vaak meerdere kwartieren worden besmet. Ook neemt de melkproductie duidelijk af.
Bij acute gevallen is de melk vaak slijmerig en/of met vlokken. Ook is het celgetal sterk verhoogd.
Bij mensen kan het heftige huidontstekingen veroorzaken.
De Pseudomonas aeruginosa is een typische omgevingskiem, die sporadisch het uierweefsel van koeien koloniseert en in dat geval mastitis kan veroorzaken. Het celgetal is altijd explosief hoog. De meeste van de mastiden zijn levensbedreigende, acute gevallen en komen onmiddellijk na het kalven voor. Het is een kiem die slechts ziekte kan verwekken bij een hoge infectiedruk, of wanneer de normale afweer van de gastheer verstoord is. Chronisch besmette dieren genezen slecht. De Pseudomonas aeruginosa altijd ongevoelig voor penicilline, tmps en tetracycline.
De CNS is zowel een omgevingskiem als koegebonden. Deze komt in toenemende mate voor, vooral bij afkalvende vaarzen. Soms alleen de veroorzaker van hoog celgetal maar kan ook mastitis veroorzaken. 40 % is ongevoelig voor penicilline! Genezingskans bij chronisch geïnfecteerde dieren is matig.
Overdracht bacterie door besmette melk (melkmachine, doek, handen)
Bij voorkeur behandelen in de droogstand. Bacteriën trekken zich terug in cellen waar ze moeilijk voor antibiotica te bereiken zijn. Lastig te bestrijden in de lactatie. Chronisch besmette dieren genezen slecht. Vaak ongevoelig voor Penicillines en Erythromycine.
Is vrijwel altijd gevoelig voor alles. Besmetting via huid en melk (vaak aanwezig na slotgatbeschadigingen).
Deze kiem overleeft vooral in de uier van melkkoeien en kan er mastitis veroorzaken. Hij kan gemakkelijk van de ene koe naar de andere worden overgedragen tijdens het melken. Vroeger een veel voorkomende mastitisverwekker. Door hygiënische maatregelen (dippen m.n.) bij het melken is een Streptococcus agalactiae gemakkelijk onder controle te krijgen.
Deze bacterie wordt als minder pathogeen beschouwd. Toch veroorzaken ze soms een verhoogd celgetal en kunnen ze geïsoleerd worden bij klinische mastitiden. Door hygiënische maatregelen bij het melken is een verhoging van het tankcelgetal door Corynebacterium bovis gemakkelijk onder controle te krijgen.
Op een deel van de uitslagen ontstaat er geen groei.
Redenen:
* er is al antibiotica gebruikt,
* de veroorzaker is een virus of mycoplasma,
* de bacterie is al weer verdwenen (vooral bij E. Coli),
* verwekker zit in de cellen ingekapseld (S. Aureus).
Na invriezen is er meer kans de bacterie te vinden.
Het monster is verontreinigd met allerlei andere bacteriën en schimmels, zodat de mastitisverwekker niet meer gaat groeien. Een betrouwbare beoordeling is dan onmogelijk.
Neem de monsters op de goede manier en in een steriele hiervoor ontworpen monsterbuis. Deze zijn te verkrijgen via de praktijk.
In enkele gevallen kan het voorkomen dat de ABG geen groei geeft. Dit kan te maken hebben met de hoeveelheid groei van het eerste onderzoek. Tevens kan het zijn dat de koe reeds is behandeld waardoor de ABG geen groei geeft.
« Terug
Blijf op de hoogte
» Aanmelden
Direct online bestellen
» Naar de webshop